Q&A

Q: ‘Klopt het dat de samenstellers van HNF aanvankelijk van plan waren elk gedicht van commentaar te voorzien? Ik neem aan dat die een verantwoording van hun keuze zou bevatten, een toelichting van wat ze bijzonder – of maar matig – in dat bepaalde gedicht apprecieerden. Ze zouden evenwel zo veel interessante Vlaamse gedichten bij elkaar hebben gekregen dat de uitgever een dergelijke omvang niet meer zag zitten.’ (Erik de Smedt op de Contrabas)

A: HNF is het resultaat van een ‘compromis’ tussen de samenstellers en de uitgever. Initieel had de HNF-crew het idee om een bloemlezing te maken waarin de geselecteerde gedichten op de rechterpagina zouden worden afgedrukt en op de linkerpagina een commentaar (en dus niet louter een verantwoording). Dat commentaar had ons de mogelijkheid geboden om individuele gedichten en bepaalde ontwikkelingen in oeuvres te contextualiseren. Zo zouden we binnen- en buitenlandse modellen of bronteksten hebben kunnen aangeven. Door een gedicht van bv Ed Hoornik tegenover een gedicht uit de eerste bundel van Charles Ducal te plaatsen zou je kunnen zien waar die ‘typische’ kadans van Ducal vandaan komt. Maar ook overeenkomsten en verwijzingen naar Achterberg zouden kunnen worden aangeduid, net als verschillende behandelingen van het masturbatiemotief door Ouwens en Ducal. Poëticale uitspraken van dichters zouden hun eigen werk leesbaarder kunnen maken en bepaalde verzen of gedichten zouden poëticale stellingnamen kunnen helpen deconstrueren. Omdat ‘kwaliteit’ as such, los van de historische  of poëticale ontwikkeling, ons maar matig interesseert, leek de linkerpagina ons minder geschikt voor een toelichting bij onze ‘appreciatie’ dan voor  intertextuele & discursieve analyse.

Probleem met dit soort aanpak was inderdaad de enorme omvang die de anthologie zou gekregen hebben, vooral als je ook naar diversiteit in de breedte streeft en dus gedichten uit verschillende stromingen en subsystemen aan bod wil laten komen.

Bovendien had de uitgever ook uitdrukkelijk gevraagd een overzicht te maken van de Vlaamse poëzie sinds 1945, een soort ‘opvolger’ van Breviarium der Vlaamse lyriek van Karel Jonckheere en Marnix Gijsen uit 1979.

Advertenties

Een Reactie op “Q&A

  1. In Weirdo’s nr. 84 publiceerde ik mijn eigen bescheiden mening over ‘Hotel New Flandres’. Het is niks wereldschokkends. Maar het kan misschien wel wat relativering brengen in de ‘hoog-academische’ discussies rond deze bloemlezing. Ik ben in elk geval blij dat poëzie weer wat los maakt in Vlaanderen én Nederland…

    Iedere¨bloemlezing” verkracht de tuin waaruit de bloemen werden geplukt. De bloemen die niet werden geplukt kunnen verder bloeien…

    Meer info vind je op http://hbrouns.cdenv.be/cultuur/weirdo/weirdos84gelezen.htm

    Vergeet de woorden van William Blake niet: “If the doors of perception were cleansed every thing would appear to man as it is, infinite. For man has closed himself up, till he sees all things thro’ narrow chinks of his cavern”.

    Poëzie geeft ons net de mogelijkheid om die smalle ‘chinks’ wat te verbreden!

    Hubert Van Eygen
    uitgever Weirdo’s

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s