Hotel NF Blog

05/12/2008

Hotel New Flandres is een bloemlezing uit de Vlaamse poëzie na 1945. Het boek bevat 672 gedichten van in totaal 266 Vlaamse dichters. Van tientallen dichters en dichteressen werd voor het eerst werk in een officiële bloemlezing opgenomen. In Nederland totaal onbekende dichters kregen een forum. Vergeten dichters werden gerehabiliteerd, voorlopers en outsiders gepresenteerd als de oeuvredichters die ze eigenlijk zijn en lone rangers blijken niet voor niets lone rangers. Het boek bevat een grote variatie aan teksttypes. Van prozagedichten, concrete poëzie en pastiches tot gedichten in dialoogvorm, dialectgedichten, opsommingen en lange gedichten.

Hotel New Flandres is een poging tot (re)constructie van het poëtische systeem die voor een keer niet van de subjectieve voorkeuren van de samenstellers uitgaat. Wie op zoek gaat naar ‘de 100 mooiste gedichten’ van samensteller x of professor y is in Hotel New Flandres aan het verkeerde adres, gesteld dat een lezer überhaupt geïnteresseerd zou zijn in de esthetische voorkeuren van een chef de rayon.

Hotel New Flandres wil een gedetailleerde staalkaart zijn van zestig jaar Vlaamse poëzie. Dichters van de meest diverse gezindten staan er naast elkaar. De meest uiteenlopende poëzieopvattingen krijgen er onderdak. Er bestaan werelden van verschil tussen Aleidis Dierick, Claude van de Berge, Albert Bontridder, Luuk Gruwez en Christine D’haen en toch krijgen ze allen evenveel aandacht.

Uitgangspunt van HNF is de naoorlogse ontwikkeling van de Vlaamse poëzie. Dat wil zeggen: niet de kwantitatieve toename ervan, maar de kwalitatieve verandering, waarbij ‘kwaliteit’ slaat op de hoedanigheid van de poëzie, haar aard en haar steeds veranderende zo-zijn. Vandaar onze focus op poëtische en poëticale vernieuwing en de mate waarin die gestalte krijgen in individuele teksten. Een bijdrage leveren tot de ontwikkeling van de poëzie betekent voor ons: vernieuwen. Of: ‘voorheen onbekende of minder bekende elementen in het systeem (her)introduceren’. Innovatief noemen we de teksten die een verandering in de culturele hiërarchie teweegbrengen omdat ze voorheen ondergewaardeerde of voor die hiërarchie ‘waardeloze’ elementen in de poëzie hebben binnengebracht.

Op deze blog becommentariëren de makers van Hotel New Flandres de vooralsnog niet al te briljante reacties op het boek. In een eerste fase lijkt de receptie voornamelijk te worden gedomineerd door kortzichtigheid en ressentiment. Een paar dagen na de presentatie van het boek verscheen in het ooit respectabele weekblad Knack een ondermaats dom stuk van Philip Hoorne, waarop al snel een aantal crapuleuze reacties op het internet volgde. De receptie van het boek bulkt op dit moment zodanig van de onjuistheden, halve waarheden, vooroordelen en stupiditeiten dat de makers besloten deze blog te starten. Voorwaar een leuk tijdverdrijf! Op korte termijn zal hier gepast wordt gereageerd op de grootste blunders en schunnigheden. Op middellange termijn zal deze blog worden omgezet in een website waarop de receptie van Hotel New Flandres uitvoerig wordt gedocumenteerd. Alles voor de poëzie!

Of zoals Hugo Claus al zei:

‘De ober is een werkstudent.

– “Ober, waarom kijkt u zo mistroostig./U zet ons waarlijk niet tot smikkelen aan!”

– “Mevrouw, voor mijn part eet u meikevers.” / – “Wat zegt u, ober?” /- “Mevrouw, er zijn hogere dingen in het leven.”

Zij kijkt vertwijfeld. Is dit waar? / Ik neem de ober bij zijn te lange haar / en doof mijn sigaar in zijn oog.’

Leeslijstje

Wie sommige Nederlandse reacties op Hotel New Flandres leest, kan daaruit maar een ding besluiten: het werd de hoogste tijd dat dit boek er kwam. De kennis van de Vlaamse poëzie lijkt ronduit abominabel. Van wat sommige Nederlanders zich tot nog toe voorstelden bij de ‘Vlaamse poëzie’ breekt ons het koude zweet op de Germaans gesneden voorhoofden uit. Niet veel goeds in ieder geval. überhaupt nix, waarschijnlijk.

Maar laten we ruimhartig zijn, net zoals met onze bloemlezing. Laten we de misdeelden gulle inkijk in onze archieven gunnen, zodat eventueel achtergebleven Nederlandse broeders de kans krijgen de discursieve strijd met gelijke wapens aan te gaan. We hebben het Vlaamse poëtische systeem namelijk niet uit onze duim gezogen. Nee, nee, nee. We hebben dat systeem, mits enige frivole accenten onzerzijds, ge(re)construeerd aan de hand van een aantal, mmmm, standaardpublicaties, waaronder bij elke 18-jarige student Nederlands (althans in… Vlaanderen, de noordelijk deelstaat van het koninkrijk België) als standaardpublicaties bekend staande literairhistorische overzichten. En ja, hoor! Deze boeken bestaan echt.

Hugo Brems, Al wie omziet (1981)

Hugo Brems, De rentmeester van het paradijs (1986)

Hugo Brems, De dichter is een koe (1991)

Hugo Brems, Een zangwedstrijd (1994)

Hugo Brems en Dirk De Geest, ‘Wij bloeien maar bloeien vergeefs‘. Poëzie in Vlaanderen 1945-1955 (1988)

Hugo Brems en Dirk De Geest, ‘Barbaar in mijn mond‘. Poëzie in Vlaanderen 1955-1965 (1989)

Hugo Brems en Dirk De Geest, ‘Opener dan dicht is toe‘. Poëzie in Vlaanderen 1965-1990

Geert Buelens, Van Ostaijen tot heden. Zijn invloed op de Vlaamse poëzie

Lionel Deflo, nieuw-realistische poëzie in vlaanderen, 1972

Guy Van Hoof, De Nieuwe Romantiek. Situering en bloemlezing (1981)

Henri-Floris Jespers, Het bed van Procrustes, 1982

Henri-Floris Jespers, De boog van Ulysses, 1983

Rudolf van de Perrre, Er zit nog olie in de lamp der taal. Een overzicht van de hedendaagse poëzie in Vlaanderen (1982)

Marc de Smet, Droom en doem. Vlaamse poëzie 1960-1985.

Zeven poëtica’s. Speciaal nummer van Yang (1990)